Op weg naar nog duurzamer gebruik van landbouwgrond

bron: boerderij.nl

In 2030 moet alle landbouwgrond duurzaam beheerd worden. Het Nationaal Programma Landbouwbodems is ingesteld om dat doel mogelijk te maken samen met boeren, bedrijfsleven en overheden.

Landbouwgrond is schaars en duur. Het is de basis voor boeren voor de teelt van gewassen en voor de veehouderij. Iedere boer kent dan ook het belang van goede grond, maar het belang van goede landbouwgrond gaat veel verder. Verpachters hebben er belang bij dat de grond in goede staat blijft. Waterleidingbedrijven willen schoon drinkwater. Het wederzijdse belang tussen boer en waterschap verandert. Niet meer alleen zoveel mogelijk water afvoeren in natte tijden, maar ook voldoende water vasthouden voor droge periodes en het aanvullen van het grondwaterpeil.

Duurzaam gebruik van landbouwgrond speelt een hoofdrol in de kringloopgedachte van minister Schouten. Niet voor niets dus dat het ministerie van LNV een Nationaal Programma Landbouwbodems heeft aangekondigd. Minister Schouten noemde het bodemprogramma een ‘voorwaarde voor de overgang naar kringlooplandbouw’.

Bodemprogramma met 4 sporen

Komende week is de aftrap van het bodemprogramma met de Nationale Bodemtop. Daar moet onder meer duidelijk worden wat de laatste stand van zaken is van acties die al zijn ondernomen. Het programma heeft een uitwerking langs 4 sporen:

  1. Kennis – verzamelen, ontwikkelen en verspreiden;
  2. Beleid – hieronder valt onder meer de herziening van het pachtbeleid, het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid en de ingezette herbezinning van het mestbeleid;
  3. Agroketens – hierin is aandacht voor onder meer lichtere machines, nieuwe plantenrassen en nieuwe stal- en bedrijfssystemen die mest opleveren met meer organische stof;
  4. Regionaal – richt zich bijvoorbeeld op provincies, waterschappen en drinkwaterbedrijven

Meer kennis beter gebruiken

Voor het onderdeel kennis is al veel gebeurd mede op basis van al langer lopend onderzoek. Via een zogenoemde publiek private samenwerking (PPS) onder de naam Beter Bodembeheer wordt een grote hoeveelheid kennis over bodembeheer gebundeld. Dat betreft onder meer organische stof, mestkwaliteit, bemesting, grondbewerking en kennis over verdichting van de ondergrond. PPS Beter Bodembeheer loopt in principe voor de periode 2017 – 2020 en is een samenwerking van LNV en een groot aantal bedrijven in de agrarische sector, belangenbehartigers en brancheorganisaties. De uitvoering van het programma gebeurt door Wageningen UR en het Louis Bolk instituut. PPS is onderdeel van de Topsector Agri & Food.

Schouten heeft aangekondigd dat de overheid wil investeren in het breed verspreiden van kennis over duurzaam bodembeheer in het groene onderwijs en via kennisprojecten voor jong boeren. Een andere ambitie is het bijdragen aan cursussen voor adviseurs en er komt een praktijkproject bodemverdichting.

Mestbeleid en gebruiksnormen

Zodra bodemvruchtbaarheid en duurzaam gebruik aan de orde zijn, komt al snel de roep om ruimere mestnormen. De bodemvruchtbaarheid loopt terug omdat er niet genoeg bemest kan worden, vinden sommigen. Anderen vinden juist dat nog steeds veel te veel bemest wordt. Diverse projecten lopen momenteel om te kijken wat de gevolgen zijn van het gebruik van meer dierlijke mest in plaats van kunstmest. Voorbeelden zijn de diverse Vruchtbare Kringloop-projecten, zoals de Vruchtbare Kringloop Achterhoek en Liemers.

Dergelijke projecten vergroten de kennis over het gebruik van mest en de gevolgen voor bodem en milieu. Het levert bovendien tal van samenwerkingen op tussen boeren en andere partijen zoals waterschappen.

Praktisch instrument voor boer

Grote verpachters, zoals verzekeraar ASR, hebben groot belang bij duidelijkheid over de bodemkwaliteit en duurzaam beheer. Dat geldt ook voor financiers en waterbedrijven. ASR, Rabobank en Vitens hebben samen een bodemcoalitie gevormd. De ambitie van de coalitie is om het aanwezige kapitaal van de bodem te bewaren en te versterken.

Als concreet hulpmiddel voor boeren heeft de bodemcoalitie een Open Bodemindex laten ontwikkelen door Wageningen UR, Farmhack en het NMI. De index wordt gepresenteerd op de Bodemtop.

Dit instrument moet een beeld geven hoe de grond er voorstaat wat duurzaam bodembeheer betreft. Niet alleen voor het vaststellen van de bodemkwaliteit, maar ook om te adviseren over duurzame verbeteringen.

Het is een eerste belangrijke stap om duidelijkheid te verschaffen over bodemkwaliteit en percelen ook te kunnen vergelijken. Duurzaamheid is nu nog niet eenduidig. Wanneer is een perceel goed of minder goed. Daarvoor zijn wel veel gegevens beschikbaar, maar het gaat erom dat te vatten in een beoordeling. Nu zijn er nog tientallen methoden om een of meerdere aspecten van grondkwaliteit te meten.

Pachtbeleid in de steigers

Langdurige pacht is beter voor een duurzaam bodembeheer stelde minister Schouten in april bij de aankondiging van het programma landbouwbodems. Dat krijgt uitwerking in het nieuwe pachtstelsel dat wel is aangekondigd maar nog niet definitief is uitgewerkt. De praktijk leert dat het areaal langdurige pacht alleen maar afneemt. Vooral het areaal reguliere pacht is sterk verminderd. Grondeigenaren kiezen voor hogere prijzen voor kortlopende verhuur of zijn huiverig voor het opnieuw aangaan van een langdurige pachtrelatie.